Hoe weet je of je iemand kunt vertrouwen?

Vertrouwen is afstemmen

Vertrouwen ontstaat in kleine, bijna onopvallende interacties waarin we elkaar zien, erkennen en serieus nemen. Opvallend vaak ligt de basis van vertrouwen niet in grote gebaren, maar in het geven én ontvangen van passende zorg en aandacht. Nu blijkt dat laatste, passende zorg en aandacht best lastig. Wat wordt ermee bedoeld?

Met passend bedoelen we: niet teveel en niet te weinig. Teveel zorg bieden, kan dat dan? Te weinig, ja dat herkennen we wel. Wie zich tekort gedaan voelt heeft meestal weinig zorg en aandacht gekregen, die voelt teleurstelling.. Maar teveel zorgen, kan dat ook? Probeer je eens voor de geest te halen wanneer jij je betutteld of verstikt voelde door de ‘overdreven’ (maar wel goedbedoelde) zorg van iemand anders? Dat dus…

Wanneer zorg niet aansluit bij de behoefte van de ander, voelt die eigenlijk meer als ruis dan als liefdevolle of echte aandacht voor jou. De kunst van vertrouwen opbouwen begint daarom bij afstemmen: wat heeft de ander echt nodig, en wat kan en wil ik op een passende manier geven?

De kern: zien en gezien worden

Vertrouwen groeit wanneer je echt merkt dat jij ertoe doet. Hoe ontstaat dat? Wanneer je merkt dat iemand echt luistert Wanner er niet alleen op jouw woorden gereageerd maar ook de bedoeling daar achter opgemerkt. En andersom ook, jij de aandacht die wordt gegeven ook  binnen laat komen. Er ontstaat tussen jou en de ander een bepaalde ruimte voor openheid en jezelf laten kennen. Je geeft iets moois met aandacht. En je ontvangt ook iets: gezien worden. Proef je al iets van wat er gebeurt tussen jou en de ander? Je wordt gezien. “Ik mag er zijn. Jij bent er voor mij.” Dat moment van erkenning is een bouwsteen van vertrouwen en wederkerigheid: je draagt allebei bij aan jullie contact.

Geven: zorg bieden die klopt

Als we aandacht en zorg geven ligt er soms een valkuil op de loer: Soms geven we bij voorkeur dat wat we zelf denken dat die ander nodig heeft. Met de beste bedoelingen, maar dan slaan we dus de plank mis. Er ontstaat pas contact als we afgestemd zijn op de ander. Soms heeft iemand eerder praktische steun nodig, soms liever emotionele nabijheid, en soms simpelweg rust of ruimte. Geven is dus niet: invullen voor de ander vanuit wat voor jou werkt, er van uitgaan dat jij weet wat de ander nodig heeft, of vindt wat die ander zou ‘moeten’ willen. Maar benieuwd zijn en vragen: wat helpt jou? Ik denk dat ik je hier een plezier mee doe, klopt dat ook?

Dat is echte aandacht geven, vanuit betrokkenheid de tijd nemen om stil te staan bij de behoefte iemand anders. En je eigen behoefte even loslaten, bijvoorbeeld: ik wil je troosten, ik wil voor je zorgen. Daar is niets fout aan, maar is dat wat de ander nodig heeft?

Passende zorg vraagt een bepaalde gevoeligheid, het vermogen signalen op te merken, nuances te zien, stiltes aanvoelen. Het vraagt ook bescheidenheid — de bereidheid om niet jezelf centraal te zetten maar de behoefte van de ander. Dat betekent soms zelfverloochening, een begrip dat we niet vaak meer horen. Zelf even een stapje achteruit zetten, ruimte maken voor de ander. Jouw eigen belang even parkeren. Niet voor altijd, maar voor nu, even.

Want passend maken is ook: jouw belang telt even zwaar als dat van de ander. Je hoeft dat niet ondergeschikt te maken omdat de ander belangrijker is dan jij. Maar soms is dat wel even nodig. Dan houd je bewust en vrijwillig meer rekening met zijn of haar behoefte, belangen, rechten. Omdat je dat wilt. Niet omdat het moet.

Opmerkelijk genoeg werkt deze houding door. Mensen die zich gezien en gesteund [erkend!] voelen, worden zelf vaker zorgzamer, zachter en toegankelijker. Zo ontstaat een positieve cirkel: passend geven nodigt uit tot passend ontvangen, wat weer leidt tot wederkerigheid en vertrouwen.

Nemen: de vaak vergeten helft van vertrouwen

Nemen is minstens zo belangrijk als geven, maar vaak moeilijker. Nemen is een vorm van ontvankelijkheid. Het is in feite een teken van vertrouwen: je laat de ander toe in jouw kwetsbaarheid. Veel mensen vinden het lastig om hulp te vragen, grenzen aan te geven of steun te ontvangen. Het kan lastig zijn en kwetsbaar voelen om toe te geven dat jij het niet alleen of zelf kunt, om op zijn tijd nee (of juist: ja) te zeggen, om steun aan te nemen in plaats van te geven.

Nemen betekent dat je in jezelf ruimte maakt voor wat de ander wil jou wil geven. Wanneer iemand steun krijgt ondersteund dat ook de relatie: de ander mag een betekenisvolle rol spelen. Zo krijg je verbinding met elkaar, veiligheid, en dat betekent: betrouwbaarheid. Wederkerige zorg is ook duurzame zorg, in een ritme waarin beide kanten geven én ontvangen. Dat kost tijd, en het moet steeds herhaald worden.

Grenzen: het anker onder vertrouwen

Passende zorg kan alleen ontstaan wanneer grenzen helder zijn. Vertrouwen ontstaat niet door altijd maar alles te accepteren of door jezelf weg te cijferen. Integendeel: mensen vertrouwen eerder degene die duidelijk is over wat wel en niet kan, die eerlijk communiceert, en die zichzelf niet overschreeuwt. Grenzen beschermen de kwaliteit van geven. Ze voorkomen dat zorg eenzijdig wordt, dat aandacht verandert in plicht, of dat zachtheid wordt misbruikt. Juist door grenzen te respecteren ervaart de ander dat je betrouwbaar bent: consistent, voorspelbaar, integer.

Ritme en herhaling: de kracht van kleine daden

Zo ontstaat vertrouwen over een langere termijn, in de opeenstapeling van kleine momenten van aandacht en zorg: een vriendelijk bericht op een lastige dag, een vraag die laat merken dat de ander je niet vergeten is, een uitnodiging tot gesprek zonder druk, een oprechte sorry als iets misging.

In het ritme van herhaling zijn het die momenten van afgestemde zorg die een veilig fundament leggen. Als mensen ervaren dat jij consequent bent in je aandacht — niet perfect, maar wel eerlijk — groeit vertrouwen bijna vanzelf.

Samen bouwen aan betekenisvolle relaties

Vertrouwen is dus geen mysterieus ingrediënt dat uit de lucht komt vallen. Het is een relationeel proces waarin geven en ontvangen hand in hand gaan.

Passende zorg, aandachtige aanwezigheid en respect voor grenzen zijn de ‘anatomie’ voor blijvende verbinding. Zo kan een relatie ontstaan waarin je openheid aandurft, want kwetsbaarheid tonen voelt dan veilig en in de interactie bestaat wederkerigheid.

En misschien is dát wel de essentie van vertrouwen: het gevoel dat je niet alleen bent. Dat je mag geven vanuit vrijheid, en mag ontvangen zonder schaamte. Dat er een mens tegenover je staat die jou ziet — en die jij kunt zien. Dat is toch bijzonder waardevol en kostbaar? Denk eens na over deze vragen, en neem contact op als ze iets in jou raken waar je mee aan de slag wilt, welkom!

  • Aan welke concrete signalen merk je dat je iemand kunt vertrouwen?
  • Welke momenten uit het verleden maken dat je voorzichtig bent geworden?

  • Welk stukje van jouw verhaal wil gehoord worden om te begrijpen waarom betrouwbaarheid voor jou zo belangrijk is?

0 Comments

Laat een reactie achter

XHTML: You can use these tags: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

nl_NLDutch